Dit deel zal een flinke boterham worden. In 3 weken tijd hebben we ongelofelijk veel meegemaakt en gezien. We gaan proberen om dit alles met jullie te delen. Het begon met straffe verhalen van andere reizigers die dezelfde route reeds gedaan hadden. Met de landkaarten erbij maakten we de nodige interessante notities. We waren nu ook terug verenigd met Ria en Anton en gingen al direct van start richting het hoger gelegen Purmamarca. Het pittoreske dorpje is bekend om zijn mooie gekleurde rotsen. Hier zagen we ook voor het eerst huizen die in adobe (leem) stijl waren gebouwd. Het cactus hout wordt hier gebruikt om deuren, raamlijsten, dakbedekking enz. te maken.
We reden verder de Quebrada de Humahuaca in tot aan het dorpje Tilcara dat op 2.460 m. hoogte ligt om ons voor te bereiden om de komende weken op grote hoogte te leven. Dit moet stap gewijs gebeuren anders kan men hoogte ziek worden. In Tilcara konden we voor het eerst kennismaken met een “pucarà”, dit is een precolumbiaanse fortificatie. ’s Avonds op de camping kwamen we enthousiaste 2 pk club van Argentinië tegen. Ze maken een tocht van noord naar zuid in 3 maanden.
Nu kon de echte klim beginnen over de Andes, richting Chili. Op 4.170 meter hebben we een geocache gedaan en ja gevonden! De hoogte speelde ons wel parten want iedere stap leken er wel 10 … Ja, ongelofelijk hoe je lichaam toch anders reageert op deze hoogte!
De Paso de Jama (4.400 m) was voor onze “ATA” zwaar want ook een motor reageert anders op de zuurstof arme omgeving. Maar in vergelijk met de fietsers hebben wij het eenvoudig. Fantastisch wat deze kerels presteren!
Over de grens in Chili word de omgeving nog atraktiever en laat de Andes zijn grillige vormen en kleuren zien.
In de omgeving van het woestijn dorp San Pedro de Atacama bevinden zich vele mooie bezienswaardigheden, waaronder de maan vallei. Op de weg er naar toe hebben we nogmaals een geocache gevonden … De maan vallei is een imposant zout gebergte en ja we kunnen ons voorstellen hoe het er op de maan moet uitzien … en geloof het of niet, tussen deze zout rotsen was ook weer een cache verborgen! Jullie denken misschien zout rotsen? Eigenlijk was dit heel vroeger een zee bodem.
Om ons verder te gewennen aan de hoogte moesten we weer wat hoger gaan slapen. Aan de thermale baden van Puritama (3.545 m) zagen we een mooie zonsondergang op de vulkaan “Licancabur”. Na een koude nacht waren we dan ook meer dan tevreden om ons onder te dompelen in het glasheldere warme water.
Na onze warme duik terug gekomen op de parking konden we niet naast deze mooie grote camper kijken en tot onze verbazing was dit een landgenoot. De eerste die we op deze reis tegenkwamen. Na een gesprek trakteerde ze ons op een lekker stuk Belgische chocolade …
Nu eerst nog proviand opslaan en nog eens lekker gaan eten voor we de grens met Bolivië oversteken want de komende weken op de “Altiplano” zal er geen winkel of restaurant te bespeuren zijn.
De vulkaan “Licancabur” (5.916 m) zullen we nog wel een tijdje in het vizier hebben tijdens onze tocht door het “Reserve Nacional Eduardo Evaroa”.
De grens overgang naar Bolivië was zachtjes uitgedrukt zeer eenvoudig. We konden zelfs de autopapieren hier niet regelen, dit kon enkel een honderd kilometer verder gebeuren.
Een zandpiste volgend bracht ons naar het eerste meer “Laguna Verde” waar we heel wat flamingo’s te zien kregen.
Dit leek ons wel een goede overnachting plaats, het warm water bad op de “Salar de Chalviri”. Het bad was zalig, de omgeving prachtig, maar de nacht was koud! (- 12° op 4.400 m hoogte).
Onze volgende nacht werd het nog een graadje kouder aan de “Laguna Colorado”. Niet te geloven dat de flamingo’s het hier naar hun zin hebben, want ze waren er met vele!
De weg werd vanaf nu wel erg slecht … We zagen enkel maar 4x4 auto’s langs rijden, zonder hulp van Anton’s trek kabel hadden we hier nooit door gekomen.
Hoe hoger we de “Altiplano” op reden, hoe kouder de nachten werden … Aan de “Piedra de Arbol” sloegen we een rekord! – 19° werd het toen! Alles was binnen bevroren, gelukkig was er ’s morgens steeds het zonnetje om ons op te warmen …
De weg werd er niet beter op. Onze nieuwe schokbreker begaf het. De trek kabel werd ook regelmatig boven gehaald. Schuppen konden we als de beste!
Steeds kwam dan weer de beloning van de mooie natuur en omgeving waar we ons in bevonden.
Soms leek het wel of we op een “dijk” moesten rijden, en dan maar hopen dat we er niet afschuiven. We moesten de piste van de 4x4’s volgen en die vinden het niet erg om over bergpassen met grote stenen te rijden. Voor ons was dit wel een probleem en moesten we eerst de grootste stenen uit de weg ruimen voor we weer verder konden.
Het moeilijkste stuk van de “Altiplano” was voorbij en konden we even genieten van een mooie zonsondergang. Laat de nieuwe dag maar komen, we zijn er klaar voor!
De nieuwe dag bracht ons na lange tijd weer in een dorpje. San Juan waar de lama’s ook hun thuis hebben. We konden hier weer een beetje inkopen doen en na lang zoeken vonden we iemand bereid ons 20 liter diesel te verkopen.
Vlakbij San Juan bevind zich een oude begraafplaats, “Necropolis”. De mensen werden hier in foetus houding begraven in de koraal rotsen. Nu is dit een open lucht museum.
Vanaf nu kwamen we regelmatiger een dorpje tegen en konden we het plaatselijke leven aanschouwen. De schapen en lama’s werden met liefde door herderinnen verzorgd.
Wij moesten geen schapen verzorgen maar wel onze “ATA”. De stukke (nieuwe) schokbreker konden we vervangen door onze (oude) bijna versleten schokbreker. We zien wel hoe lang hij nog wil schokbreken … !?!
Dit lijkt echt een piste voor ons! De vlakke “Salar de Uyuni” (zoutvlakte), maar welke richting moeten we uit rijden op deze gigantische vlakte? (bijna zo groot als België). Ook dit was een zeebodem die omhoog getild is tijdens het ontstaan van de Andes.
De zoutvlakte heeft een raar effect op ons gedrag. We worden sterker als ooit tevoren en zoals het hoort draagt Rudi Berlinda op z’n handen …
Ons doel was in zicht, van veraf lijkt het op een ufo, maar van naderbij is het eiland “Incahuasi” heel mooi met zijn prachtige grote cactussen.
Het zout hotel kondigt het einde van de zoutvlakte aan. De zoutmijners hopen op een verder toekomst want men zou graag deze omgeving ontginnen voor z’n rijke mineralen waaronder het gegeerde “lithium”. Wat word de toekomst voor de salar?
Zout en staal gaan niet samen, in het stadje Uyuni kan men auto’s onder hoge druk laten reinigen.
Onze auto had niet enkel een wasbeurt nodig maar ook dringend wat diesel. Dit bleek niet zo gemakkelijk. 4 uur hebben we in de rij gestaan. Dit was voor ons een les in Boliviaans geduld.
Ondanks al het zout is Uyuni nog steeds bekend voor het oude staal van de roestende en rustende lokomotieven. Uyuni ligt dan ook op het kruispunt, oost-west, noord-zuid, spoorweg verbinding.
Ons volgend doel is de zilver mijnstad “Potosi”. Maar eerst even een halte in het bijna verlaten mijndorp “Pulacayo”. Waar nog enkele optimisten hun geluk beproeven op het vinden van erts.
De weg naar Potosi bracht ons door zeer gevarieerd mooi landschap. Maar aan de weg is nog heel wat werk om hem te asfalteren.
Aangekomen in “dramatisch” Potosi, zagen we het groot, en checkten we ons in in de “Copacabana”. Euh, eigenlijk op de hotel parking … ’s Avonds konden we geen kant meer uit en stond de parking nokvol. Maar aan de sloten van de deuren in de stad te zien konden we blij zijn een veilige overnachtingplaats te hebben.
We vonden het historisch centrum van Potosi charmant met mooie koloniale gevels en gebouwen en een gezellige sfeer.
De sfeer in de zilver mijn daarentegen was iets minder charmant. Het leven in de “Cerro Chico” (Rijke berg) is kort gezegd keihard! Daar werden we stil van. De berg is zoals een Zwitserse kaas maar dan met téveel gaten waardoor hij eigenlijk op in storten staat …. We waren blij dat we eruit waren!
Proficiat aan diegene die volgehouden hebben dit ”dikke deel” te volgen. Na het “TITICACA Meer” zien we elkaar weer! Adios!






























































0 reacties:
Een reactie plaatsen